Restauratieve tandheelkunde richt zich op het herstellen van beschadigde, versleten of sterk gevulde tanden en kiezen.
Het doel is niet alleen om een tand opnieuw mooi te maken. Ook functie, sterkte, beet en duurzaamheid spelen een belangrijke rol.
Waar mogelijk proberen we gezond tandweefsel te behouden en kiezen we voor een zo minimaal invasieve behandeling.
Wanneer is restauratieve tandheelkunde nodig?
Een restauratieve behandeling kan worden overwogen bij:
- Grote of versleten vullingen
- Afgebroken tanden of kiezen
- Ernstige gebitsslijtage
- Scheurtjes of breuklijnen
- Verzwakte tanden na een wortelkanaalbehandeling
- Verlies van tandweefsel
- Problemen met beet of functie
- Uitgebreide gebitsrehabilitaties
Hoe verloopt de behandeling?
- Analyse
We beoordelen niet alleen de beschadigde tand, maar ook de oorzaak van het probleem.
- Behandelplan
Afhankelijk van de hoeveelheid gezond tandweefsel bepalen we welke behandeling het meest geschikt is.
- Herstel
Een tand kan bijvoorbeeld worden hersteld met composiet, een keramische inlay of onlay of een kroon.
- Controle van functie
Na herstel controleren we zorgvuldig hoe de tanden en kiezen op elkaar komen.
Bij uitgebreidere slijtageproblematiek kan een compleet plan worden gemaakt waarbij meerdere tanden tegelijkertijd worden hersteld.
Wat kunt u verwachten?
Door moderne adhesieve technieken kunnen we in veel situaties meer gezond tandweefsel behouden dan vroeger.
De keuze voor het restauratiemateriaal hangt af van de plaats in het gebit, de hoeveelheid resterend tandweefsel, de belasting en de esthetische wensen.
Resultaat en onderhoud
Een goed uitgevoerde restauratieve behandeling herstelt zowel functie als uitstraling.
Regelmatige controle blijft belangrijk. Daarnaast proberen we risicofactoren zoals tandenknarsen, slijtage of een hoge belasting zoveel mogelijk onder controle te houden.
